Dak- en thuisloosheid bij mensen zonder wettig verblijf

Deze kennispagina kwam tot stand met hulp van de expertengroep 'Wonen & dak- en thuisloosheid' van de Centra voor Algemeen Welzijnswerk (CAW) en de bovenlokale netwerken dak- en thuisloosheid.

Het recht op wonen is een universeel basisrecht, ongeacht nationaliteit of verblijfsstatus. Ook mensen ‘zonder papieren’ of zonder wettig verblijf hebben dus rechten. In de praktijk botsen mensen zonder wettig verblijf echter op heel wat drempels om in België een betaalbare en kwalitatieve woonst te vinden. Door het grote tekort aan betaalbare, kwalitatieve woningen en de lange wachtlijsten voor sociale woningen kunnen private verhuurders hoge prijzen vragen en zeer selectief zijn, wat leidt tot discriminatie en huisjesmelkerij (Verstraete, 2025). Mensen zonder wettig verblijf hebben daarnaast ook geen toegang tot sociale huisvesting of tegemoetkomingen zoals een huurwaarborglening of huurpremie.

Volgens de OECD wonen mensen met een migratieachtergrond in Europa dubbel zo vaak in een ontoereikende en overbewoonde woning. Voor mensen zonder wettig verblijf bestaan er geen officiële Belgische cijfers, maar onderzoek van het Mixed Migration Centre toont dat in Brussel 78% van de bevraagde ongedocumenteerde migranten huisvestingsproblemen ervaart. De meeste respondenten gaven aan te verblijven in kraakpanden of bij familie of vrienden. Sommigen vinden zelfs helemaal geen onderdak en leven op straat of gaan naar opvanginitiatieven. Samusocial meldt dat bijna 70% van de mensen in de Brusselse opvang geen wettig verblijf heeft. Huisvesting is dan ook de meest voorkomende uitdaging.

Een precaire woonsituatie verhoogt het risico op gezondheidsproblemen, schoolachterstand en werkloosheid, en maakt het moeilijk om je situatie te verbeteren (Vlaamse Woonraad, 2018; SERV, 2024; Woonzaak, 2024). Dit geldt zeker voor mensen zonder wettig verblijf, die vaak weinig tot geen netwerk hebben en zich nauwelijks op sociale rechten kunnen beroepen. Zonder vast adres ontstaan ook problemen op andere levensdomeinen. Officiële briefwisseling is niet mogelijk en veel diensten vereisen een adres. Bovendien bemoeilijkt woningonzekerheid het opstarten en opvolgen van een verblijfsprocedure (Plan Together). Wie wil dat mensen hun toekomst kunnen uitbouwen – hier of elders – moet daarom voorzien in stabiele huisvesting en begeleiding.

Na eerdere kennispagina’s rond uithuiszetting, woonoplossingen, bovenlokale samenwerking en dak- en thuisloosheid bij kinderen en jongeren, richten we ons hier op een groep met een verhoogde kans op dak- en thuisloosheid: mensen zonder wettig verblijf. We bespreken beleidsaanbevelingen, de rol van sociale professionals en goede praktijken, zowel rond woongerichte oplossingen als rond opvang.

Dak- en thuislozen zonder wettig verblijf in België

Mensen zonder wettig verblijf zijn alle personen op Belgisch grondgebied zonder de Belgische nationaliteit die niet voldoen aan de verblijfsprocedures zoals vastgelegd in de ‘Vreemdelingenwet’ en het uitvoerend ‘Vreemdelingenbesluit’. Het gaat om een zeer diverse groep:

  • mensen van wie de asielaanvraag afgewezen werd
  • mensen die clandestien het land binnen kwamen
  • mensen van wie het visum verlopen is
  • mensen die door geen enkel land als staatsburger beschouwd worden
  • mensen die door omstandigheden niet kunnen worden teruggestuurd
  • …

Hoeveel mensen zonder wettig verblijf in België leven, weten we niet. Onderzoek op basis van mortaliteitscijfers schat het aantal op zo’n 329.000 mensen, voornamelijk afkomstig uit de Schengenzone.

Onderzoek naar de huisvestingsgeschiedenis van mensen die al langere tijd in België verblijven zonder wettig verblijf, toont dat bijna de helft ooit huurachterstal had, vaak met een gedwongen verhuis tot gevolg. Mensen zonder huurachterstal vonden dikwijls onderdak in woningen in (zeer) slechte staat, vaak met overbewoning. Het is moeilijk te bepalen hoeveel mensen in België zonder wettig verblijf dak- of thuisloos zijn. De meest recente tellingen in Vlaanderen wijzen erop dat 4,7% tot 18,8% van de getelde personen van niet-Belgische origine geen wettig verblijf heeft. In grotere steden, zoals Antwerpen en Brussel, loopt dit aandeel op tot 50%.

Onderzoek in Brussel laat zien dat deze groep vooral bestaat uit volwassenen. Al werden er ook 106 kinderen geteld die hier samen met hun ouder(s) verblijven en 18 niet-begeleide minderjarigen. De mediane leeftijd van de kinderen is 4 jaar. Volwassenen zijn meestal tussen 40 en 49 jaar, en 15% is 60 jaar of ouder. Een derde van de getelde dak- en thuislozen zonder wettig verblijf is vrouw. 80% van de getelde personen heeft geen Europese nationaliteit en meer dan de helft is al meer dan 2 jaar dakloos. Bij bijna 70% is er sprake van gezondheidsproblemen.

Welke huisvestingsrechten hebben mensen zonder wettig verblijf?

Mensen zonder wettig verblijf hebben in België geen recht op een sociale woning of op tegemoetkomingen zoals een installatie- of huurpremie of een huurwaarborglening. Ze mogen wel een huurovereenkomst afsluiten op de private markt. Het is ook niet strafbaar om mensen zonder wettig verblijf te laten inwonen, kosteloos een woonst aan te bieden of een woning te verhuren, tenzij de verhuurder misbruik maakt van hun kwetsbare situatie. Iemand zonder wettig verblijf kan bovendien eigenaar worden van een woning in België, maar dat geeft geen recht op verblijf.

Hoewel mensen zonder wettig verblijf toegang hebben tot de private markt, is hun kans op een betaalbare en kwalitatieve woning klein door het beperkte aanbod en de grote concurrentie. Bovendien is discriminatie veelvoorkomend op de private huurmarkt (Verstraete, 2025; The European Agency for Fundamental Rights, 2023). Daardoor hebben mensen vaak geen andere keuze dan een ondermaatse woning te huren voor een te hoge prijs. Uit vrees om op straat te belanden of uitgewezen te worden, zijn ze niet snel geneigd een klacht in te dienen tegen malafide verhuurders. Zo worden ze een makkelijke prooi voor huisjesmelkers.

Een ander nadeel is dat mensen zonder wettig verblijf zich niet kunnen domiciliëren of inschrijven in het rijksregister. Daardoor kan de woning waar zij verblijven ten onrechte als leegstaand worden beschouwd, wat nadelig kan zijn voor de verhuurder. Mensen zonder wettig verblijf kunnen meestal ook geen bankrekening openen, waardoor huur en waarborg enkel cash kunnen worden betaald en een brandverzekering moeilijk af te sluiten is. Wanneer iemand zonder wettig verblijf bij iemand inwoont, kan dit ertoe leiden dat hun recht op dringende medische hulp geweigerd wordt, omdat het OCMW rekening kan houden met de inkomsten van de persoon of het gezin bij wie ze verblijven. Inwonen bij iemand die een sociale woning huurt, kan er bovendien toe leiden dat de woonmaatschappij het huurcontract verbreekt.

Meer info over de huisvestingsrechten van mensen zonder wettig verblijf vind je hier: Recht op huisvesting van mensen zonder wettig verblijf | Vreemdelingenrecht.be.

Beleidsaanbevelingen

Veel van de drempels waar mensen zonder wettig verblijf tegenaan lopen, ook buiten het domein van huisvesting, worden veroorzaakt door een ontoereikend asiel- en migratiebeleid. Er is nood aan een beleid dat realistisch is en dat inzet op een duurzaam toekomstperspectief voor iedereen, ongeacht hun verblijfsstatus. Door het mensen moeilijk of zelfs onmogelijk te maken om een toekomst op te bouwen — of die nu hier of elders ligt — help je niemand verder.

Wettelijke bescherming tegen uithuiszetting, discriminatie, uitsluiting en mensonwaardige woonomstandigheden moet voor iedereen beschikbaar en toegankelijk zijn, ongeacht verblijfsstatus. Zorg ervoor dat mensen zonder wettig verblijf op een veilige manier klacht kunnen indienen wanneer ze slachtoffer worden van huisjesmelkerij, tussenpersonen die geld vragen in ruil voor hulp of andere vormen van uitbuiting. Dit moet kunnen zonder risico op uitwijzing en met de garantie dat dergelijke wanpraktijken geen nieuwe slachtoffers kunnen maken.

De visietekst over de begeleiding van jongvolwassenen in een precaire verblijfssituatie van Agentschap Opgroeien benadrukt het belang van stabiele huisvesting als basisvoorwaarde voor verdere ontwikkeling en welzijn. Het Housing First-principe wordt daarbij uitgelicht, gezien de sterke resultaten die dit model oplevert bij langdurig dak- en thuislozen met een complexe problematiek. Binnen dit model wordt eerst een veilige en stabiele woonplek voorzien, waarna begeleiding op andere levensdomeinen volgt. Agentschap Opgroeien pleit ervoor om dit uitgangspunt ook toe te passen bij jongvolwassenen in een dergelijke verblijfssituatie.

Het snel voorzien van goede en stabiele huisvesting voor mensen zonder verblijfsrecht, gecombineerd met psychosociale en juridische ondersteuning om hun verblijfsstatus te regelen, is eveneens één van de aanbevelingen van PICUM en FEANTSA om het recht op wonen voor deze groep te vrijwaren. Die huisvesting kan bestaan uit noodopvang, tijdelijke of permanente woningen. Deze opvang- en oriëntatie-initiatieven (O&O) bouwen daarbij voort op het Housing First-principe (zie verder onder ‘Goede praktijken’).

 

Samusocial pleit ervoor om bij beslissingen over de toekenning of het behoud van het recht op verblijf rekening te houden met de kwetsbaarheid van mensen. Denk bijvoorbeeld aan een vrouw die het slachtoffer is van partnergeweld en haar verblijfsrecht kwijtraakt wanneer ze de echtelijke woning verlaat. Of aan een persoon op leeftijd of iemand met een verminderde zelfredzaamheid die door het ontbreken van geldige verblijfsdocumenten niet terecht kan in een woonzorgcentrum. Er bestaan regularisatieprocedures voor mensen in een kwetsbare situatie, maar die zijn volgens Samusocial vaak niet aangepast aan de realiteit en bieden onvoldoende antwoord op dringende behoeften of noden op middellange termijn.

Burgerinitiatieven die mensen zonder wettig verblijf ondersteunen bij hun zoektocht naar een woning botsen op heel wat hindernissen. Het is niet alleen moeilijk om woningen te vinden, het vraagt ook veel tijd en middelen die deze initiatieven vaak niet hebben. Een structurele financiering van burgerinitiatieven die zich inzetten voor de meest kwetsbaren past binnen het participatie- en netwerktraject, een belangrijk onderdeel van het integratietraject dat door de Vlaamse overheid werd uitgestippeld. Bovendien zijn burgerwerkingen goed geplaatst om een brug te vormen tussen woningzoekers en verhuurders, dankzij hun flexibele beschikbaarheid en sterke lokale netwerken. Een andere manier om burgerinitiatieven te ondersteunen is het faciliteren van (al dan niet tijdelijke) ingebruikname van leegstaande panden, door technische of sociale ondersteuning te bieden en door water, elektriciteit, verwarming en de mogelijkheid tot een brandverzekering te voorzien.

Door het gebrek aan maatschappelijke dienstverlening en de beperkte draagkracht van burgerinitiatieven zijn mensen zonder wettig verblijf vaak aangewezen op informele netwerken. Die netwerken bestaan dikwijls uit verre familieleden of kennissen die hier al wonen, maar evengoed religieuze gemeenschappen of culturele verenigingen. Door deze informele netwerken te ondersteunen kan de leefsituatie van mensen zonder wettig verblijf aanzienlijk verbeteren, al is dit geen structurele oplossing.

Omdat mensen zonder wettig verblijf geen aanspraak kunnen maken op een sociale woning, zijn ze aangewezen op de private huurmarkt. Het aantal betaalbare en kwalitatieve woningen is daar echter zeer beperkt, waardoor er sterke concurrentie ontstaat tussen kwetsbare huurders. Daardoor raken ook woningen van slechte kwaliteit nog steeds verhuurd, vaak aan te hoge huurprijzen. Tegelijk twijfelen sommige verhuurders om te verhuren aan mensen zonder wettig verblijf, omdat ze vrezen voor sancties of juridische gevolgen. Mensen met een migratieachtergrond — en al zeker mensen zonder wettig verblijf en dus zonder legaal inkomen — krijgen te maken met discriminatie door eigenaars en makelaars (Verstraete, 2025).

Mogelijke ingrepen op de private huurmarkt die de woonsituatie van mensen zonder wettig verblijf kunnen verbeteren, zijn:

·       Eigenaars informeren over de minimale kwaliteitsvereisten voor huurwoningen en hen ondersteunen bij eventuele noodzakelijke aanpassingen.

·       Eigenaars verplichten om bij elke verhuring een conformiteitsattest voor te leggen.

·       Eigenaars duidelijk maken dat verhuren aan mensen zonder wettig verblijf niet strafbaar is, maar huisjesmelkerij wel.

·       Praktijktesten tegen discriminatie uitvoeren op de huurmarkt en sancties opleggen bij overtredingen.

Een van de voorstellen uit een onderzoeksproject naar de huisvestingsnoden van mensen zonder wettig verblijf was het oprichten van een huisvestingsfonds dat tijdelijk de huurkosten kan dekken. Met de huurder kan dan bijvoorbeeld worden afgesproken dat de eigen bijdrage in de huurprijs geleidelijk stijgt tijdens het traject. Zo kunnen de middelen van het fonds gespreid worden ingezet en kan de ondersteuning langer doorlopen.

Wat kan je doen als sociale professional

Werk samen en laat je adviseren

Je staat er niet alleen voor. Zoek bondgenoten binnen je eigen organisatie of bij organisaties in de regio, versterk elkaar en ga samen op zoek naar oplossingen. Laat je bij concrete casussen adviseren door organisaties zoals Orbit vzw en het Kinderrechtencommissariaat.

Maak gebruik van je discretionaire ruimte

Discretionaire ruimte verwijst naar de ‘speelruimte’ die sociale professionals krijgen — of zelf creëren — om binnen de grenzen van de wet, toch betekenisvolle handelingen te stellen. Die ruimte kan je als professional bewust benutten om mensen te helpen zonder de wet te overtreden. Zo kan je de rechten die mensen zonder wettig verblijf wel hebben, zoals de leerplicht voor minderjarigen of het recht op dringende medische hulp, gebruiken om ook op andere levensdomeinen deuren te openen.

Verhuur zelf woningen aan mensen zonder wettig verblijf door:

  • samen te werken met een woonmaatschappij om sociale woningen buiten stelsel te verhuren
  • samen te werken met een erkende leegstandsbeheerder
  • zelf patrimonium te verwerven
  • samen te werken met particulieren of organisaties die woningen op de private markt verhuren

Neem de angst bij collega’s of burgers weg door hen te informeren over de rechten van mensen zonder wettig verblijf en door duidelijk te maken dat verhuren aan mensen zonder wettig verblijf niet strafbaar is.

Informeer en adviseer mensen zonder wettig verblijf

Mensen zonder wettig verblijf mogen dus een huurcontract afsluiten op de private huurmarkt en hebben daarbij dezelfde rechten en plichten als andere huurders. Bij huurgeschillen kunnen ze beroep doen op het vredegerecht en, onder bepaalde voorwaarden, ook op een pro-Deoadvocaat. Voor advies kunnen ook zij terecht bij een huurdersbond.

Informeer mensen zonder wettig verblijf over hun rechten en ondersteun hen bij het afdwingen van die rechten en het naleven van de huurdersverplichtingen. Moedig hen aan om alles schriftelijk vast te leggen: het huurcontract, een bewijs van de betaling van de huurwaarborg en van de maandelijkse huur.

Verzamel getuigenissen en versterk hun stem

Hou cijfers bij over het aantal mensen zonder wettig verblijf die jullie dienst of organisatie contacteren met een vraag naar huisvesting of met klachten over aanverwante problemen. Verzamel daarnaast getuigenissen en voorbeelden van mensen die geen toegang krijgen tot hun rechten. Breng hen samen om hun stem te versterken, organiseer sociale actie en gebruik hun verhalen en de verzamelde cijfers om:

  • het maatschappelijke bewustzijn te vergroten
  • problemen te signaleren
  • wantoestanden aan te klagen
  • beleidsmakers te overtuigen om rechtenschendingen aan te pakken
Goede praktijken
Recht op wonen
Woongerichte oplossingen Woongerichte oplossingen
Richting perspectief
Begeleiding en ondersteuning Begeleiding en ondersteuning
Discriminatie tegengaan
Discriminatie op de woonmarkt aanpakken Discriminatie op de woonmarkt aanpakken

En wat met opvang?

Hoewel een stabiele, eigen woonst de ideale context biedt om te werken aan een duurzaam toekomstperspectief, is dat in de huidige, Belgische woonsector voor mensen zonder wettig verblijf vaak onbereikbaar. Een alternatief voor een eigen woonst is een veilige plek in een opvangcentrum. Mensen zonder wettig verblijf hebben in België echter geen recht op opvang in een federaal opvangcentrum voor vluchtelingen, tenzij er minderjarigen in het gezin zijn. Die gezinsopvang is echter zeer voorwaardelijk en altijd gekoppeld aan het verkrijgen van verblijfsrecht of vrijwillige terugkeer.

Centra Algemeen Welzijnswerk (CAW) hebben enkel een opdracht in het begeleiden van mensen zonder wettig verblijf naar een duurzaam toekomstperspectief, niet om opvang te voorzien. Ook lokale besturen hebben geen wettelijke rol in de opvang en begeleiding van mensen zonder wettig verblijf. Toch zijn er CAW’s, lokale besturen en andere organisaties die opvang organiseren voor mensen zonder wettig verblijf of die hen toelaten tot de reguliere dak- en thuislozenopvang. Dat mag ook, want de ‘Vreemdelingenwet’ laat humanitaire hulp aan mensen zonder wettig verblijf toe. Het aanbod aan beschikbare plaatsen is echter beperkt en ook de dagprijs die in de meeste reguliere dak- en thuislozenopvangcentra wordt gevraagd, is een knelpunt. Onderzoek toont aan dat samenwerking tussen lokale besturen en organisaties die zich inzetten voor dak- en thuislozen de veerkracht van lokalen besturen versterkt in het opvangen en integreren van vluchtelingen.

Goede praktijken
Opvanginitiatieven
Opvanginitiatieven Opvanginitiatieven

Wat doet SAM?

SAM verzamelt en deelt praktijken die inspirerend kunnen zijn voor beleid en praktijk. We geven advies, brengen praktijkwerkers samen en organiseren activiteiten en vormingen voor sociale professionals die werken aan preventieve en woongerichte oplossingen.