Federaal Plan Armoedebestrijding 2025-2029: welke betekenis voor schuldhulpverlening?
Het federale armoedeplan bevat verschillende maatregelen die de aanpak van overmatige schuldenlast moeten verbeteren. In dit artikel bekijken we wat dat betekent voor de schuldhulpverlening.
Spring rechtstreeks naar:
De federale regering keurde het Federaal Plan tegen Armoede en Ongelijkheid 2025-2029 in april 2026 goed. Het is een integraal plan: naast het luik over de strijd tegen overmatig schulden, bevat het maatregelen rond gezondheid, werk en activering.
Na de goedkeuring van het plan wordt een politieke werkgroep opgericht met de ministers bevoegd voor Armoedebestrijding, Maatschappelijke Integratie, Justitie, Consumentenbescherming en Economie. Die werkgroep zal de uitvoering van de verschillende maatregelen opvolgen en de samenhang tussen de hervormingen bewaken.
1. Waarom een apart luik over schuldenlast?
Terwijl het armoederisico de voorbije jaren daalde, nam de problematiek van overmatige schuldenlast toe. Steeds meer gezinnen hebben betalingsachterstallen voor basisbehoeften. Voor veel huishoudens is een onverwachte uitgave voldoende om in financiële problemen terecht te komen. Als die problemen niet snel worden aangepakt, stapelen kosten, interesten en invorderingsmaatregelen zich op. Dat bleek ook uit onze analyse van de basisregistratie 2025 door de erkende instellingen voor schuldbemiddeling.
Het plan heeft drie uitgangspunten:
- Schulden moeten sneller worden aangepakt.
- Mensen moeten beter worden begeleid tijdens schuldafbouw.
- Schuldinvordering moet eerlijker, transparanter en voorspelbaarder verlopen.
2. Schuldhulpverlening in het Federaal Plan Armoedebestrijding
2.1. Blijvende inzet op meer preventie en sensibilisering
In de tweede helft van 2026 lanceert de federale overheid een sensibiliseringscampagne over overmatige schuldenlast. Ze doet dat in samenwerking met regionale steunpunten voor de diensten schuldbemiddeling, waaronder SAM. De campagne zal relevante informatie centraliseren en burgers informeren over schuldenproblemen en het bestaande hulpverleningsaanbod zoals schuldhulpverlening. Ze moet ook het stigma over het ontstaan van schulden wegnemen.
Het startmoment van deze campagne was een colloquium op 16 september. Naast de kick-off van de campagne, was dit colloquium ook een moment waar ervaringsdeskundigen, onderzoekers, praktijkwerkers, beleidsmakers, … samenkwamen om goede praktijken uit te wisselen en om over beleidsaanbevelingen te reflecteren. De campagne zal hierna via sociale media worden uitgerold met focus op het delen van getuigenissen en de toeleiding naar informatie en hulpverlening. Alle informatie hierover en het campagnemateriaal is verzameld op de website stop-schulden.be. Dit is zeker de moeite waard voor diensten die zelf rond sensibilisering en preventie werken.
Zeer positief is dat dit geen eenmalige campagne is. Volgens het plan blijft deze sensibilisering een permanente pijler van het federale armoedebeleid.
2.2. Grondige hervorming van de collectieve schuldenregeling
De meest ingrijpende aangekondigde hervormingen hebben betrekking op de collectieve schuldenregeling. De regering wil deze procedure sterker richten op herstel, begeleiding en financiële redzaamheid. De belangrijkste voorstellen daarin:
- De duurtijd van de collectieve schuldenregeling inkorten naar maximum vijf jaar.
- De participatiekansen van kinderen van gezinnen in collectieve schuldenregeling beter beschermen.
- Schuldenaren meer begeleiden zodat ze het overzicht over hun financiële situatie behouden en budgettair zelfredzamer worden.
- Oplossingen op maat voor personen die geen reële aflossingscapaciteit hebben.
Daarnaast wil de regering de positie van de schuldenaar versterken. Er wordt gedacht aan een verplichte jaarlijkse ontmoeting tussen schuldbemiddelaar en verzoeker, aangevuld met contactmomenten op scharnierpunten in de procedure. Ook de betrokkenheid van diensten schuldbemiddeling en persoonlijke steunfiguren zoals een vertrouwenspersoon (zoals bij bewindvoering) wordt onderzocht.
2.3. Onderzoek naar een menswaardig leefgeld
Het plan voorziet een pilootproject om te onderzoeken of de huidige beslaggrenzen voldoende zijn om tijdens een collectieve schuldenregeling een menswaardig bestaan te garanderen. Het onderzoek moet helpen om het begrip ‘menswaardig bestaan’ beter te objectiveren.
Bijzondere aandacht gaat daarbij naar gezinnen met kinderen. De regering stelt expliciet dat kinderen niet de dupe mogen zijn van schulden die in het gezin zijn ontstaan.
2.4. Eenvoudigere invordering door de federale overheid
De federale overheid onderzoekt of de FOD Financiën de standaardinvorderaar kan worden voor alle fiscale en niet-fiscale schuldvorderingen van federale overheidsdiensten. Volgens het plan kan dit de kosten voor schuldenaren beperken.
Wie schulden heeft bij verschillende overheidsdiensten kan dan voor al die schulden rekenen op een uniform invorderingsbeleid en dezelfde mogelijkheden om een afbetalingsplan aan te vragen. Dat vergroot de kans op een minnelijke regeling.
Komt het toch tot gedwongen tenuitvoerlegging, dan kan de FOD Financiën zelf vereenvoudigde beslagprocedures op inkomen en financiële tegoeden opstarten en opvolgen. Volgens het plan liggen de kosten voor de schuldenaar daardoor tot tien keer lager dan wanneer een gerechtsdeurwaarder wordt ingeschakeld.
2.5. Betere bescherming van consumenten bij minnelijke invordering
Ook boek XIX van het Wetboek van Economisch Recht wordt geëvalueerd. Dat boek bevat sinds 2023 regels over minnelijke invordering van consumentenschulden, zoals de verplichte gratis eerste betalingsherinnering en plafonds voor schadebedingen en interesten. Ook bevat het nieuwe verplichtingen voor minnelijke invorderaars zoals incassokantoren, gerechtsdeurwaarders en advocaten. Een van die verplichtingen is de verificatieplicht voor een effectief toegepast schadebeding of aangerekende intresten.
De regering wil bekijken waar bijsturing nodig is. Een belangrijk aandachtspunt is duidelijke en begrijpelijke informatie voor consumenten over hun rechten en plichten bij deze schuldinvordering.
2.6. Hervorming bij gerechtsdeurwaarders
Het plan bevat twee maatregelen die rechtstreeks betrekking hebben op de werking van gerechtsdeurwaarders:
- Een evaluatie van de gerechtsdeurwaarderstarieven, hervormd sinds oktober 2024. Expliciete doelstelling daarbij is de kosten voor schuldenaren verder verlagen.
- De effectieve opstart van de nieuwe tuchtraad voor gerechtsdeurwaarders, gekoppeld aan een evaluatie van het nieuwe tuchtrecht een jaar na de invoering ervan.
De regering benadrukt dat invorderingskosten nooit een bijkomende motor mogen worden van overmatige schuldenlast.
2.7. Strijd tegen 'no cure, no pay'-invordering
Een opvallend onderdeel van het plan is de strijd tegen zogenaamde 'no cure, no pay'-constructies. Daarbij wordt een invorderaar enkel betaald wanneer hij erin slaagt schulden te innen. Een mogelijk pervers effect is dat de invorderaar die kosten verhaalt op schuldenaren die hun schulden wel kunnen betalen.
Hoewel dergelijke praktijken vandaag verboden zijn bij gerechtelijke invordering, stelt het plan vast dat ze nog vaak voorkomen, ook bij overheidsinstanties. Het plan voorziet daarom twee acties:
- Het wettelijke verbod en de sanctionering ervan versterken.
- De regelgeving over overheidsopdrachten aanpassen zodat overheden dergelijke constructies niet langer kunnen gebruiken, aangevuld met een onderzoek naar de mogelijkheid van een controle- of ombudspunt om de naleving van deze regels op te volgen.
2.8. Hervorming van DAVO
Het plan bevat twee belangrijke hervormingen van de Dienst voor Alimentatievorderingen (DAVO).
- De automatische tussenkomst van DAVO bij de inning en betaling van onderhoudsgelden, tenzij de onderhoudsgerechtigde en -plichtige in akkoord voor een ‘opt-out’ kiezen.
- Een stapsgewijze stijging van het maximumbedrag van de voorschotten: van 175 euro naar 350 euro per kind.
Met deze maatregelen wil de regering de financiële bescherming van kinderen en alleenstaande ouders versterken.
3. Wat betekent dit voor de schuldhulpverlening?
Het plan bevat een aantal voorstellen die tegemoetkomen aan bekommernissen binnen schuldhulpverlening:
- de hervorming van de collectieve schuldenregeling
- de aandacht voor een menswaardig leefgeld
- de bescherming van kinderen
- de beperking van invorderingskosten
- de strijd tegen agressieve invorderingspraktijken
Een van de sterktes van het plan is dat het uitgaat van een integrale blik op het voorkomen en bestrijden van schuldenproblematiek. Het luik over de strijd tegen schuldoverlast staat niet los van de andere onderdelen van het federaal armoedeplan, zoals het luik over inkomen. Want een inkomen dat niet volstaat om basisbehoeften te bekostigen is een risicofactor om in schulden te raken.
Het specifieke luik ‘Bestrijden van schuldoverlast’ omvat veel relevante facetten. Wat volgens ons nog ontbreekt:
- Agressieve en misleidende reclame en aanbiedingen van malafide ondernemingen aanpakken en nieuwe risicovolle kredietvormen zoals Buy Now Pay Later (BNPL) reguleren.
- De regels over gerechtelijke invordering en het beslagrecht ruimer evalueren en bijsturen, in plaats van enkel het tarief van de gerechtsdeurwaarders en ‘no cure, no pay’-constructies.
- Inzetten op een meer slagkrachtigere minnelijke schuldbemiddeling, zodat de gerechtelijke procedure van collectieve schuldenregeling maximaal kan worden vermeden.
- Het invorderingsbeleid van federale, regionale, provinciale en lokale overheden, overheidsdiensten en bepaalde overheidsbedrijven (bv. NMBS en De Lijn) onder de loep nemen. Deze kunnen zonder vonnis overgaan tot gerechtelijke invordering. Wij vragen meer aandacht voor minimaal verplichte termijnen van de minnelijke fase en plafonnering van toegepaste verhogingen of aanrekeningen van bijkomende kosten bij laattijdige betaling.
Tegelijk blijft het voorlopig vooral een beleidsplan. Voor veel maatregelen moeten nog wetgevende initiatieven volgen. De concrete impact van het plan zal afhangen van de manier waarop het de komende jaren wordt uitgewerkt en uitgevoerd.
SAM staat uiteraard klaar om hieraan mee te werken. Zo werken we momenteel samen met onze partnerorganisaties aan geüpdatete aanbevelingen over onder meer de gerechtelijke invordering, de minnelijke schuldbemiddeling en de collectieve schuldenregeling.
Meer weten?
- Lees het federaal armoedeplan.
- Lees de prioritaire aanbevelingen voor de federale regering 2024-2029 over (minnelijke en gerechtelijke) invordering en (minnelijke en gerechtelijke) schuldafbouwtrajecten.
- Lees de aanbevelingen over de geplande evaluatie van boek XIX WER (minnelijke schuldbemiddeling en minnelijke invordering van consumentenschulden)