Wie kan optreden als minnelijke schuldbemiddelaar en wat is zijn positie?
Actoren
Als minnelijke schuldbemiddelaar kunnen optreden:
- advocaten, ministeriële ambtenaren (gerechtsdeurwaarders en notarissen) of gerechtelijke mandatarissen (bv. een bewindvoerder) in de uitoefening van hun beroep of functie
- de openbare of private instellingen die erkend zijn om aan minnelijke schuldbemiddeling te doen
Het zijn dezelfde als de actoren die aangesteld kunnen worden als bemiddelaar voor een collectieve schuldenregeling of die buitengerechtelijke schuldbemiddeling mogen opnemen in dossiers met een consumenten- of hypothecair krediet.
De instellingen zijn in Vlaanderen de OCMW’s, CAW’s en OCMW-verenigingen met een erkenning voor (minnelijke) schuldbemiddeling. Zij doen hiervoor beroep op personen die voldoen aan bijzondere kwalificatievereisten, bepaald door de Vlaamse overheid. Zie hierover: Nieuw: de minnelijke schuldbemiddeling | samvzw
De andere actoren, in de praktijk vooral advocaten en gerechtsdeurwaarders, moeten voldoen aan bijzondere vereisten van bekwaamheid inzake (omgaan met personen in een situatie van) schuldoverlast en hebben een opleidingsplicht, te bepalen bij Koninklijk Besluit. Deze voorwaarde gaat pas in op 1 juli 2026.
Positie
De minnelijke schuldbemiddelaar neemt een onafhankelijke positie in, hoewel hij tussenkomt op verzoek van de schuldenaar. Hij is bemiddelaar tussen de schuldenaar en zijn schuldeisers. Hij vervult zijn rol met gepaste zorgvuldigheid, rekening houdend met zijn wettelijke opdracht en de belangen van alle betrokken partijen.
Er kan in hoofde van de schuldbemiddelaar een belangenconflict bestaan, ten aanzien van een of meer betrokken partijen, bij aanvang van of tijdens het traject. Dit sluit zijn verder optreden niet uit als hij en de schuldenaar uitdrukkelijk verklaren dat het belangenconflict de onafhankelijkheid niet in het gedrang brengt.
De schuldbemiddelaar kan niet als vertegenwoordiger in rechte optreden en dus geen juridische procedures voeren namens de schuldenaar.
Hij is niet onderworpen aan een resultaatsverbintenis voor het slagen van de minnelijke schuldbemiddeling. Dit volgt onder meer uit het feit dat de schuldenaar en de schuldeisers vrijwillig deelnemen aan de minnelijke schuldbemiddeling. De bemiddelaar kan op geen enkele manier verantwoordelijk worden gesteld als bijvoorbeeld een schuldeiser het voorgestelde afbetalingsplan weigert of een betwistingsgrond verwerpt.