Tools en inspiratie uit binnen- en buitenland
Er bestaan verschillende inspirerende initiatieven, zowel nationaal als internationaal. Hieronder volgt een beknopt overzicht van zulke praktijken. We presenteren dit overzicht om te illustreren welke mogelijkheden online werken in verschillende sectoren biedt. Niet elke organisatie of dienst hoeft op deze praktijken in te zetten. Welke insteek relevant is, hangt af van de doelstellingen en het mandaat van je organisatie.
De praktijken zijn ingedeeld op basis van de functie en het doel van online werken. Deze indeling benadrukt dat online werken in de eerste plaats een middel is om een bepaalde functie of doelstelling te realiseren, en geen doel op zich is. Andere indelingen zijn uiteraard mogelijk, bijvoorbeeld op basis van methodieken, gebruikte tools, doelgroepen of sectoren. Bovendien combineren veel initiatieven meerdere functies en doelstellingen, waardoor overlap mogelijk is en deze indeling geen strikte typologie vormt.
Online werken als toegang en contact
Online kanalen kunnen worden ingezet om doelgroepen te bereiken en contact te leggen. Zo gebruiken jeugdwerkers, straathoekwerkers en hulpverleners om in verbinding te staan met hun doelgroep sociale media als Facebook en Instagram en berichtendiensten als WhatsApp. Online aanwezigheid maakt vlot één-op-één-contact of groepsgesprekken mogelijk, stelt hen in staat te informeren over het eigen aanbod en geeft inzicht in wat de doelgroep online bezighoudt.
Ook andere online platforms kunnen als verbindingsplek dienen. Een voorbeeld is het Hikikomori-project van vzw Compaan in Gent dat sociaal teruggetrokken personen online probeert te bereiken omdat zij in de fysieke wereld vaak moeilijk bereikbaar zijn. Het project vertrekt vanuit Discord, een platform dat vooral populair is binnen de gaming community. Op Discord bouwt het project een online community op die deze personen ondersteunt met laagdrempelige informatie en vrijblijvende begeleiding, aangevuld met fysieke activiteiten om de overgang naar en hernemen van maatschappelijke participatie te stimuleren.
Een Nederlands initiatief met een vergelijkbare functie is Join Us Online, gericht op jongvolwassenen die worstelen met chronische eenzaamheid. Deelnemers ontmoeten elkaar wekelijks online via begeleide spellen en interactie, waarna dit wordt aangevuld met fysieke ontmoetingen om sociale vaardigheden, zelfvertrouwen en een duurzaam netwerk te versterken.
Online werken voor informatie en ondersteuning
Online praktijken worden ingezet om burgers te informeren, hen ondersteuning en hulpverlening te bieden en hen door te verwijzen naar passende diensten. Eén voorbeeld betreft de chatbots van sommige lokale politiezones. Deze zijn 24/7 beschikbaar en ondersteunen burgers bij niet-dringende politiezaken. Andere voorbeelden zijn hulpverleningsplatforms als CAW-chat, JAC-chat, Awel-chat en 1712-chat. Ook Cybersquad van Child Focus, dat jongeren begeleidt rond online veiligheid, biedt naast een chatfunctie een forum waar jongeren ervaringen kunnen delen en vragen kunnen stellen.
Daarnaast zetten lokale besturen sociale media in om te communiceren naar de burger en hen te informeren over lokaal nieuws en lokale activiteiten. Daarbij maken verschillende gemeenten gebruik van de Hier Niet-campagne, een initiatief dat socialemediabeheerders ondersteunt bij het aanpakken van online haatspraak op hun kanalen en het bepalen van gepaste vervolgstappen.
Een ander voorbeeld van onlife informatieverstrekking is het Vlaamse initiatief van de Digibanken. Dit zijn laagdrempelige locaties in bibliotheken, buurtcentra of gemeentehuizen waar burgers terecht kunnen met digitale vragen. Hoewel de focus nu vooral ligt op praktische ondersteuning, kunnen deze initiatieven mogelijk ook ingezet worden voor informatie en begeleiding rond online risico’s.
Online werken als ontmoetings- en participatieruimte
Online kanalen worden ingezet om ruimte te creëren voor samenzijn en interactie en zo sociale verbinding te versterken. Een voorbeeld uit het Vlaamse jeugdwerk is het digitale jeugdhuis “Het Pakhuis” van Jeugdhuis Jakkedoe, opgezet via Discord als online ontmoetingsplek. Ook buurtgerichte initiatieven zijn mogelijk, zoals Hoplr, een online sociaal netwerk voor buurtbewoners dat onderlinge interactie, betrokkenheid en engagement in de wijk wil bevorderen.
Daarnaast valt ook samen gamen met de doelgroep onder deze categorie, als een laagdrempelige manier om betrokkenheid te stimuleren. In het Vlaamse jeugdwerk komt dit steeds vaker voor: een bevraging uit 2025 bij 48 jeugdorganisaties toont aan dat 20 organisaties wel eens samen met hun jongeren gamen, waarvan twee derde dit fysiek doet en een derde in een hybride vorm (bijvoorbeeld digitale platforms zoals Discord in combinatie met offline ontmoetingen).
In de politiecontext is gamen met de doelgroep in Vlaanderen nog uitzonderlijk. In Nederland daarentegen is het bij verschillende politieteams een ingeburgerde praktijk. In het project “Gamen met de politie”, bijvoorbeeld, wordt er regelmatig online gegamed met lokale jongeren om ontmoeting en begrip te bevorderen.
Online werken om inzicht te krijgen in leefwerelden
Online aanwezigheid wordt ingezet om beter te begrijpen wat er speelt bij doelgroepen. Een voorbeeld is de digitale wijkagent, een concept dat in België nog relatief onbekend is, maar in Nederland al wordt toegepast binnen verschillende basisteams van de politie. Politie.nl licht dit toe als volgt: “Waar de ‘gewone’ wijkagent door de buurt fietst, doet de digitale wijkagent dat via de computer. Het werkgebied van de digitale wijkagent is het internet.”
De digitale wijkagent gaat online ‘patrouilleren’. Dit betekent dat hij of zij lokale en regionale media en online fora opvolgt om op de hoogte te blijven van mogelijke spanningen of ordeverstoringen, zoals rellen, demonstraties of illegale feesten. Daarnaast houdt de digitale wijkagent online fenomenen in de gaten die lokaal spelen, zoals nepnieuws en online discussies. Een belangrijk taakaccent is bovendien het onderhouden van online nabijheid en contact met de burger, onder andere door het bijhouden van de socialemediapagina’s van de lokale politie.
Dat de wijk of straat niet langer beperkt is tot de fysieke ruimte, is ook duidelijk voor online straathoekwerkers, die in Vlaanderen al sterk aanwezig zijn. Zij gebruiken professionele socialemediaprofielen om online contact te leggen met hun doelgroep en krijgen zo inzicht in wat hen bezighoudt en welke thema’s er leven. Daarnaast zoeken zij, net zoals in hun fysieke werking, actief naar online verbinding met kwetsbare, moeilijker bereikbare, groepen.
Online werken voor signaaldetectie
Online signalen en risico’s worden gemonitord om vroegtijdig in te grijpen en escalatie te voorkomen. Een voorbeeld is het GEMS-project (Gaming Ecosystem as a Multilayered Security Threat), dat extremistische rekrutering binnen gamingplatforms onderzoekt en een AI-moderatietool ontwikkelt om dergelijke signalen in realtime te detecteren.
Een ander voorbeeld is de Online Jongeren Trendmonitor van Jong Inzicht. Daarbij verzamelen Amsterdamse jongeren, begeleid door jongerenwerkers, gedurende een bepaalde periode online trends en thema’s uit hun online leefwereld. Deze inzichten worden vervolgens gebundeld in een illustratieve publicatie die online raadpleegbaar is voor professionals en geïnteresseerden, met als doel de kloof te verkleinen tussen wat jongeren dagelijks online ervaren en wat professionals waarnemen.
Online werken rond tegenverhalen en weerbaarheid
Deze praktijken reiken alternatieve verhalen aan, stimuleren kritische reflectie en ondersteunen individuen om zich te wapenen tegen misleidende of extremistische boodschappen in de online omgeving. Een bekend voorbeeld is The Redirect Method, waarbij personen die zoeken naar schadelijke content via gerichte advertenties worden doorverwezen naar constructieve alternatieven. Daarnaast bestaan ook kleinschaligere initiatieven zoals Gaming For Peace van Veterans for Peace, dat e-sports-teams op Discord promoot als een positief alternatief voor vaak gewelddadige games.
Online werken als educatief instrument
Online werken wordt ingezet om kennis over te dragen, bewustwording te vergroten en sensibilisering te stimuleren. Dit gebeurt bijvoorbeeld via campagnes zoals “What’s in my algorithm” van De Ambrassade, waarbij influencers in elkaars algoritmes duiken om jongeren inzicht te geven in hoe algoritmen hun online ervaring beïnvloeden. Daarnaast worden ook serious games ingezet, waarin jongeren op een interactieve manier leren over specifieke thema’s. Voorbeelden zijn Barst!, een mobiele game van de dienst Preventie en Veiligheid van Stad Gent over omgaan met conflictsituaties, Smart-e van Mediawijs rond digitale fenomenen zoals catfishing (het gebruik van een vals online profiel om iemand te misleiden, nvdr) en nepnieuws, en het EU-project DECOUNT, dat jongeren via een interactieve game inzicht geeft in het proces van radicalisering.
Verder bestaan er fysieke methodieken met een online focus, zoals de WOW-fiches van Pimento vzw. WOW staat voor ‘Weerbaar op het Web’ en richt zich op leerkrachten en jeugdwerkers, zodat zij met jongeren aan de slag kunnen rond thema’s zoals haatspraak, cyberpesten en online identiteit. Ook zijn er fysieke spelvormen, zoals Happy Onlife, een bordspel van de Europese Commissie voor kinderen en leerkrachten over internetveiligheid en mediawijsheid.
Online werken voor talent- en vaardighedenontwikkeling
Sommige initiatieven richten zich op het versterken van digitale vaardigheden, waarbij de focus vooral ligt op jongeren. Zij leren omgaan met de digitale wereld via creatieve projecten voor talentontwikkeling. Voorbeeld zijn workshops van Link in de Kabel vzw en StampMedia, die variëren van programmeren, 3D-ontwikkeling en gameproductie tot effectief prompten in AI.
Een ander voorbeeld zijn medialabs: ruimtes die toegang bieden tot diverse materialen en begeleiding om te experimenteren met digitale tools en mediaproducties. Zo kunnen jongeren op een creatieve manier hun mediavaardigheden versterken, bijvoorbeeld door het maken van een podcast, filmproducties of andere digitale projecten.
Online werken voor disengagement
Online exitwerk richt zich op het bereiken en begeleiden van personen betrokken bij extremistische ideologieën. Dit gebeurt via digitale communities die als veilige haven functioneren voor mensen die willen loskomen van gewelddadige extremistische of radicaliserende groeperingen. Deze online plekken faciliteren onderlinge steun, contact met voormalige extremisten en begeleiding door professionals en experts. Voorbeelden hiervan zijn het exitwerk van Exit Deutschland en de Discord-community van Life After Hate.
Een bijkomend voorbeeld is The Way Home Project van de Deaconess Foundation, dat ex-strijders en hun omgeving ondersteunt bij herstel en re-integratie via een combinatie van online en offline begeleiding. Hun online hulpverlening biedt deelnemers anonimiteit, helpt vertrouwen op te bouwen en verlaagt de drempel om steun te zoeken, bijvoorbeeld wanneer familieleden betrokken zijn. De begeleiding zelf richt zich persoonsgericht op traumatische ervaringen, ondersteunt bij praktische zaken en het dagelijks leven, en betrekt familieleden via individuele en groepsbijeenkomsten.
Online werken voor burgerparticipatie, dialoog, debat
Online tools kunnen burgerparticipatie stimuleren en ruimte creëren voor constructieve dialoog en debat. Voorbeelden zijn BridgeBot van Search for Common Ground, een chatbot beschikbaar via Whatsapp die socialemediagebruikers ondersteunt bij het ontwikkelen van vaardigheden om constructieve gesprekken te voeren met mensen met uiteenlopende standpunten.
Lokale besturen gebruiken ook platforms om burgers te informeren en te betrekken bij beleid. Een voorbeeld is het Bpart-participatieplatform van Tree Company. Via het platform kunnen lokale besturen stemmingen organiseren onder burgers, hen ideeën laten aanreiken, feedback laten geven op voorgestelde veranderingen en voorstellen van anderen ondersteunen, zodat inwoners actief kunnen meedenken en meebeslissen over beleid. Daarnaast ontwikkelt Tree Company ook Rhetoric, dat gebruikers ondersteunt bij het formuleren van respectvolle en inhoudelijke reacties op nieuwsartikelen, zodat een constructieve en democratische dialoog wordt bevorderd.