Analyse

Activeringsbeleid zet sociale professionals in spreidstand

Tijdens de studievoormiddag Activering onder de loep van SAM, steunpunt Mens en Samenleving reflecteerden sociale professionals, actief op het brede werk-zorg- en werk-welzijnsterrein, samen over dit hyperactuele thema. De centrale vraag: hoe kan je mensen waardig en rechtvaardig begeleiden naar duurzaam werk?  

Stof tot nadenken en voer voor de discussietafels werd ons gebracht door professor Anneleen Forrier (KU Leuven), postdoctoraal onderzoeker Annelies Scheers (UHasselt) en duo Sanne Coremans en Cindy Van Geldorp van Netwerk tegen Armoede. Samen zorgden ze voor een stevige portie inzichten uit academisch onderzoek, werkveld en ervaringsdeskundigheid.

Verschuiving: van werk als recht naar werk als norm

De voorbije twintig jaar is een graduele verschuiving merkbaar van werk als recht naar werk als norm. De nadruk die vroeger lag op gelijke kansen, vrije keuze en degelijk werk, ligt vandaag veel meer op burgerplicht en individuele verantwoordelijkheid. Of om het te zeggen met de woorden van iemand die al vele legislaturen lang in een OCMW-context meedraait: “Vroeger was het onze job om mensen kansen te geven, vandaag moeten we focussen op de kansen die mensen niet ‘genomen’ hebben.”

Professor Anneleen Forrier biedt inkijk in hoe het dominante discours van werk als norm zich elementen toe-eigent van werk als recht. Zo wordt de race naar de tachtig procent tewerkstellingsgraad in huidige beleidsteksten onder meer benoemd als een inclusiesprong. In realiteit zien sociale professionals de mensen in de maatschappelijk meest kwetsbare posities echter net vaker uit de boot vallen of geduwd worden naar precaire jobs.

De groeiende politieke druk, de hoge dossierlast en de streefcijfers werken cherry picking, quick wins en no-matter-what-employment in de hand. Veel Engelse leenwoorden om te stellen dat duurzaam werk voor deze mensen vaak veraf is. Dit komt zowel door de begeleiding die noodgedwongen te beperkt is in tijd en middelen, als door het soort tewerkstelling waar mensen uiteindelijk in terechtkomen. In de praktijk krijgen mensen precaire jobs aangeboden met bijvoorbeeld lage lonen, weinig sociale bescherming, onvoorspelbare uren, zware mentale of fysieke belasting of weinig doorgroeimogelijkheden.

Othering in het activeringsbeleid

Je kan vandaag niet meer rond de maatschappelijke breuklijn die de werkenden scheidt van de niet-werkenden. In wetenschappelijke termen spreekt men van othering wanneer groepen mensen als afwijkingen tegenover de norm worden geplaatst. Dit mensbeeld sluipt ook binnen in het activeringsbeleid: de ‘afwijkende ander’ moet veranderen.

Professor Forrier stelt dat er in dit kader sprake is van ‘aanbodzijdefundamentalisme’, waarbij we in de eerste plaats aan de werkzoekenden of de mensen met arbeidspotentieel zelf proberen te sleutelen om toch zo goed mogelijk aan de norm te voldoen. Ook hun drempels (taal, zorg, mobiliteit, gezondheid, …) worden in toenemende mate als individuele problemen gezien, en veel minder als broodnodige randvoorwaarden die we voor iedereen moeten proberen te realiseren.

Binnen die logica worden disciplinering en sanctionering niet geschuwd en – blijkt uit de discussietafels – vaak tegen wil en dank in de jobinhoud van sociale professionals geduwd.

Kwali-tijd: tijd, vertrouwen en stabiliteit werken wel

Cindy Van Geldorp, ervaringsdeskundige bij Netwerk tegen Armoede, ondervond aan den lijve hoe je arbeidskansen al in je kindertijd worden bepaald en hoe opgroeien in armoede aan je leermogelijkheden en zelfvertrouwen vreet. Zelf stopte ze op haar achttiende met studeren om bij te dragen aan het gezin en belandde ze zo meermaals in jobs waar ze geen neen op durfde te zeggen. Jobs die gezien haar persoonlijke leef- en gezondheidssituatie helemaal niet vol te houden waren en waarmee ze ook weinig of geen sociale rechten kon opbouwen.

De enige keer dat Cindy zich al echt gezien en gehoord voelde tijdens een begeleiding was in een werk-welzijnstraject. Voor beleidsmedewerker Sanne Coremans is het glashelder: de weg naar duurzaam werk verloopt via een integrale begeleiding op maat. Basisvereisten zijn dat die begeleiding vertrekt vanuit vertrouwen en in de eerste plaats streeft naar stabiliteit binnen alle grote levensdomeinen. Deze aanpak vraagt tijd, ruimte en de nodige investering.

Ondersteuning dooft te snel uit, drempels blijven bestaan

In werkelijkheid dooft de ondersteuning te snel uit en worden de drempels naar werk vaak niet of onvoldoende weggewerkt. Aan de discussietafels gaven sociale professionals aan dat de visie op activering steeds meer vernauwt en verstrengt, met nog minder oog voor randvoorwaarden. “Het wordt steeds moeilijker om samen met mensen te vertragen en te kijken hoe werk kan worden ingepast in vaak complexe realiteiten”, klinkt het.

“De onrust is groot, maar met de politieke verschuivingen die op til staan is het nog moeilijker geworden om mensen perspectief te bieden”, vult iemand aan. “Het is lastig om als sociale professional boven water te blijven wanneer het beleid indruist tegen je eigen visie en waarden.” Ze onderstreepten ook hoe aan werkgeverskant veel te weinig geactiveerd wordt om mensen in maatschappelijk kwetsbare posities ook effectief kansen te geven.

Een versnipperd landschap en nood aan een tegenverhaal

De versnippering in het activeringslandschap is enorm. “Hierdoor kunnen we niet met één stem spreken, terwijl de nood aan een tegenverhaal hoog is”, klonk het bijna in koor. Het engagement is duidelijk: praktijkwerkers in het brede werk-zorg- en werk-welzijnswerk willen duurzaam inzetten op het begeleiden van mensen in hun recht op waardig werk. Ze willen vanuit hun organisaties en netwerken kunnen signaleren waar het misloopt en taal geven aan de spreidstand en de bijhorende frustraties die ze dagelijks ervaren.

Met initiatieven als de studievoormiddag Activering onder de loep wil SAM, steunpunt Mens en Samenleving sociale professionals hierin ondersteunen.

Fotograaf: Sanad Latifa

Redacteur: Lynn Formesyn