Schulden aanpakken in de gevangenis, hoe begin je eraan?
Schulden in detentie zijn complex en vragen om een goede begeleiding. Methodisch werken biedt daarbij een kader: het zorgt voor overzicht, taakverdeling, betere samenwerkingen en duurzame opvolging. In dit artikel geven we tips voor een concreet plan van aanpak en praktijkvoorbeelden.
Nood aan visie
Het effectief behandelen van schuldenproblemen bij gedetineerden vraagt om een gestructureerde aanpak. Een gedeelde en duidelijke visie vormt daarbij het startpunt. De visie biedt richting en samenhang waardoor alle acties doelgericht zijn en niet versnipperen. Kom samen met je team tijdens een denkoefening tot deze gedeelde visie.
Vanuit de visie is een plan van aanpak belangrijk. Leg daarin de verantwoordelijkheden, timing en doelstellingen vast. Beschrijf ook welke expertise aanwezig is, welke vormingen nodig zijn en vertaal je plan in een concreet draaiboek.
Een gedeelde visie, een plan en een draaiboek bieden houvast. Medewerkers weten waar ze naartoe werken en kunnen bij twijfel terugvallen op een gedeelde bron.
Samenwerking bij CAW De Kempen
Bij CAW De Kempen zit financiële opvolging standaard in de begeleiding van gedetineerden. Via structurele samenwerking delen team JWW en dienst Schuldbemiddeling hun kennis. Zo kunnen ze hun expertise bundelen en doelgericht inzetten. Lees daarover meer in het eerder verschenen SAM-artikel Schuldhulpverlening in de gevangenis.
Praktisch aan de slag
Werken aan budget- en schuldvragen in een detentiecontext is niet evident. Er zijn digitale beperkingen, de toegang tot reguliere budget- en schuldhulpverlening is afwezig en de administratieve mogelijkheden zijn beperkt. Toch zijn er stappen die je samen met de gedetineerde kan zetten.
Hieronder geven we een aantal tips. Overweeg vanuit je eigen rol of opdracht wat jij wel of niet kan doen.
- Begin vroeg: maak financiële zaken bespreekbaar vanaf het eerste gesprek. Maak een vaste vragenlijst en gebruik die bij elke gedetineerde. Open het gesprek ook bij gedetineerden die zelf niet praten over geld of waarvan je vermoedt dat er geen financiële problemen zijn. Zo weet de gedetineerde dat die ook in de toekomst bij jou terecht kan.
- Check lopende trajecten. Is er een lopend traject in schuldhulpverlening of zit de gedetineerde in een Collectieve Schuldenregeling (CSR)? Neem contact op met de schuldbemiddelaar en licht de situatie toe. Een CSR kan — op eigen initiatief en bij toestemming van de arbeidsrechter — geschorst of stopgezet worden. Je kan, met zicht op vrijlating, ook een nieuwe CSR aanvragen.
- Breng inkomsten in kaart. Bekijk waar de persoon recht op heeft. Is er een uitkering die onterecht wordt uitbetaald? Probeer dit geld dan zeker aan de kant te (laten) zetten voor als het later teruggevorderd wordt. De overheid is een strenge invorderaar.
- Maak samen een budgetoverzicht. Een overzicht geeft rust. Lijst op welke kosten nog betaald moeten worden en welke lopende kosten je kan stopzetten. Denk aan huur, telecom- en fitnessabonnementen. Zijn er kleine facturen die betaald kunnen worden? Probeer dat al te doen, want ook die kunnen oplopen door de extra invorderingskosten.
- Communiceer met schuldeisers. De gedetineerde heeft minder inkomsten en kan sommige facturen of schulden momenteel niet betalen. Bepaal samen met een dienst voor schuldbemiddeling de prioriteiten en communiceer met de schuldeisers.
- Neem het niet uit handen. Spoor de gedetineerde aan om zo veel mogelijk zelf op te volgen. Stel kleine doelen en laat de gedetineerde zelf aan de slag gaan. Zo kan je vragen om zelf een budget- en schuldenoverzicht te maken, of na te denken over personen in het netwerk die gecontacteerd kunnen worden.
- Benut het scharniermoment richting vrijlating om financiële kwesties aan te pakken. Een stabiele financiële situatie kan de re-integratie en maatschappelijke participatie aanzienlijk versterken. Spreek met de gedetineerde over zijn of haar financiële toestand en werk samen aan een realistische inschatting. Zijn er nog schulden? Zorg dan voor een warme doorverwijzing naar schuldbemiddeling bij een CAW of OCMW.
Goede samenwerking: praktijken die werken
Samenwerking kan het verschil maken in de aanpak van schuldenproblemen bij gedetineerden. Door vroegtijdige afstemming, respect voor ieders rol en duidelijke communicatie krijgen gedetineerden een coherent netwerk dat hen helpt naar financiële re-integratie.
Cliëntcentraal overleg
Bij cliëntcentrale overleggen breng je de gedetineerde en de betrokken actoren samen. Dat bevordert open communicatie, afstemming van acties en versterkt het vertrouwen van de gedetineerde in de hulpverlening.
Op driehoeks- of vierhoeksgesprekken bespreken medewerkers van betrokken diensten zoals CAW, OCMW, schuldbemiddelaars en justitieassistenten samen met de gedetineerde, een specifieke situatie. Vaak resulteren de gesprekken in concrete oplossingen en opvolging.
Steven is dakloos en verblijft in het detentiehuis. Hij verlaat het detentiehuis 6 dagen op 7 om te werken. Zijn traject is net haalbaar per fiets. Bij zeer slecht weer neemt hij het openbaar vervoer.
Steven krijgt in die periode te maken met volledig loonbeslag: alles wordt ingehouden voor het afbetalen van alimentatiegeld. Hierdoor kan hij het openbaar vervoer niet meer betalen. Hij neemt toch de bus en bij controle wordt hij geconfronteerd met boetes. Het betalen van transport naar zijn werk wordt een probleem en het behouden van zijn job komt in het gedrang.
Een 4-hoeksgesprek tussen het OCMW, het CAW, De Lijn en Steven leidt tot een oplossing. Het OCMW zorgt voor tijdelijke steun onder de vorm van 10-rittenkaarten en De Lijn schort de inning van boetes voor een bepaalde periode op. Steven kan opnieuw zonder problemen met de bus naar het werk.
Goede samenwerking kan alleen als het beroepsgeheim gewaarborgd blijft. Informatie mag enkel gedeeld worden met toestemming van de gedetineerde, of wanneer dat wettelijk toegelaten is. Om vertrouwen op te bouwen en samenwerking ethisch correct te laten verlopen is het essentieel om hier altijd transparant over te communiceren. De gedetineerde betrekken bij de overlegstructuren zorgt voor vertrouwen en vermijdt problemen met gegevensdeling.
Warme overdracht: intra- en extra muros
Een warme overdracht is cruciaal voor re-integratie; het zorgt voor de continuïteit van begeleiding van binnen naar buiten de muren. Betrokken actoren binnen de muren, zorgen voor contact met externe diensten met het oog op een vlotte opvolging.
Warme overdracht in detentiehuis Kortrijk
Het ESF-project 'DePar' voorziet in een uniek opzet waarbij het CAW, de PSD en het OCMW als kernpartners samenwerken. Deze samenwerking start binnen de muren met een kortdurende voorbereiding rond een bepaalde hulpvraag van een gedetineerde. OCMW Kortrijk neemt de rol van casusregisseur op. Het organiseert driehoeksoverleggen en coördineert de samenwerking met schuldbemiddelingsdiensten van de OCMW en CAW’s.
Samen begeleiden de partners gedetineerden rond hulpvragen binnen de muren met een vervolg buiten de muren. Ze screenen bijvoorbeeld tijdens de detentie de budget- en schuldenproblemen en maken een budgetplan op dat rekening houdt met de detentiecontext. De situatie van de gedetineerde in kaart brengen en zijn draagkracht verkennen legt de basis voor budgethulpverlening bij vrijlating. Ook steunvragen kunnen zo al worden opgevolgd vóór de vrijlating.
Samenwerking met het OCMW van de woonplaats
Betrek tijdig het OCMW van de gemeente van woonst. Zodra duidelijk is waar de gedetineerde na vrijlating zal verblijven, kan dat OCMW ingeschakeld worden. Zo leg je de basis voor toekomstige begeleiding.
Sarina verblijft in detentiehuis Kortrijk. Ze woonde voordien in een huurhuis en wil daar heel graag na haar detentie opnieuw gaan wonen. Ze komt waarschijnlijk binnen 2 maanden vrij. Het OCMW Kortrijk contacteert het OCMW van Sarina’s woonplaats. Dat is bevoegd voor opvolging van Sarina’s hulpvragen wanneer zij vrijkomt. Na verkenning van de hulpvraag, voorziet het bevoegde OCMW twee maanden huur als voorschot zodat ze haar huurwoning kan behouden en geen achterstallige huur opbouwt.